EUROPARLEMENTARIËRS RELATIVEREN TOETREDING POLEN
Maaten(VVD):'vrijhandelszone alternatief na mislukken referendum
toetreding'
Bronislaw Geremek, Poolse oud-minister van Buitenlandse Zaken, hoopt op
Europese solidariteit om een overwinning in het Poolse referendum over
EU lidmaatschap op weg te helpen. Europarlementariërs Jules Maaten (VVD)
en Arie Oostlander (CDA) zien in een mislukt Pools referendum echter
geen groot drama. Als alternatief voor toetreding kan de EU een
vrijhandelsakkoord met Polen sluiten.
De steun onder de bevolking van de kandidaat-lidstaten voor toetreding
tot de Europese Unie is dalende. Een van de landen waar dit het geval
is, is Polen. Begin jaren negentig lag daar de steun daar boven de
tachtig procent. Vorig jaar ondersteunde nog rond de 60 procent van de
Polen de EU-toetreding, inmiddels is de steun onder de 50 procent
gedaald. Dit laatste is overigens het geval in de meeste
kandidaat-lidstaten. Bovendien leverden de Poolse verkiezingen, waarvoor
slechts 46 procent van de bevolking kwam opdagen, een stemmenpercentage
van 29 procent op voor twee eurosceptische partijen. De Poolse regering
zal waarschijnlijk in 2003 een referendum houden, waarin de bevolking
zich over het EU-lidmaatschap kan uitspreken. In Denemarken en Ierland
sprak de bevolking zich in referenda uit tegen respectievelijk de Euro
en het verdrag van Nice. Mede dankzij de lage verkiezingsopkomst, dat
ook de Ieren parten speelde, lijkt nu het gevaar van een mislukt
referendum ook in Polen op de loer te liggen.
Sociale kosten
Bronislaw Geremek, oud-minister van Buitenlandse Zaken van Polen, noemt
dit een 'ondenkbaar' scenario. Maar hij vindt wel dat de Europese Unie
zich moet inzetten om een goed resultaat van het referendum veilig te
stellen. 'Een van de belangrijkste redenen waarom de steun is afgenomen,
is het feit dat de EU-toetreding in Polen wordt gezien als onderdeel van
een pijnlijk moderniseringsproces, met hoge sociale kosten. Dit
negatieve beeld kan de Europese Unie in de laatste fase van de
onderhandelingen tegengaan, door solidariteit te tonen. Dit betekent dat
de landbouwsubsidies en structuurgelden ook aan de kandidaat-lidstaten
ten goede moeten komen. Door het huidige debat hierover ontstaat er een
gevoel bij de Polen dat zij door de EU misschien in de steek worden
gelaten of zelfs worden vernederd.' Ook André Gerrits, historicus aan
het Oost-Europa-Instituut van de Universiteit van Amsterdam, wijst op de
verantwoordelijkheid van de Europese Unie. 'De EU kan het referendum
positief beïnvloeden door de politieke wil te tonen om echt te betalen
voor de uitbreiding. Anders ontstaat in landen als Polen de indruk dat
het de toetreding alleen maar sociale kosten oplevert.' Jules Maaten, de
nieuwe delegatievoorzitter van de VVD in het Europees Parlement, vindt
echter dat er geen extra concessies aan Polen mogen worden gedaan
omwille van een goed resultaat bij het referendum. 'In het geval van de
landbouwonderhandelingen, die nog gevoerd moeten worden, betekent dat
uiteindelijk dat de Nederlandse boeren voor deze concessies moeten
opdraaien.'
Noors model
Als het referendum echter toch mislukt, is de vraag of er alternatieven
zijn voor het EU-lidmaatschap. Gerrits pleit al langer voor een
flexibeler onderhandelingsproces, 'zonder het zware, politiek belastende
idee van het volledige EU-lidmaatschap als vaste einduitkomst.' Gerrits:
'Bij een stap-voor-stap-methode zonder einddoel zouden de concrete
voordelen voor de bevolking eerder zichtbaar zijn geworden, en niet
alleen de sociale kosten. Maar inmiddels is het zo dat Polen de keuze
heeft tussen óf lid worden, óf helemaal niets.' Arie Oostlander, lid van
het Europees Parlement voor het CDA, stelt echter dat er wel degelijk
alternatieven voorhanden zijn. 'Als uit het referendum blijkt dat de
Poolse bevolking nog niet toe is het aan lidmaatschap van de EU, dan zou
ik dat niet erg vinden. Er kan dan met Polen, net als met Noorwegen, een
vrijhandelsconstructie gevonden worden.' Oostlander doelt op de Europese
Economische Ruimte (EER), het vrijhandelsverdrag tussen de EU en, onder
andere, Noorwegen en IJsland. Ook Maaten gebruikt dit model om het
Poolse EU-lidmaatschap te relativeren. 'De Polen moeten zelf weten of ze
de toetreding tot de EU op de langere baan willen schuiven. Er kan
ondertussen verregaand samengewerkt worden, net als met Noorwegen'.
Volgens Malgorzata Bos-Karczewska, correspondente voor het Poolse
dagblad Rzeczpospolita in Nederland, is dit EER-model echter 'geen
alternatief voor Polen.' Bos-Karczewska: 'Ook een EER-verdrag stelt
zware eisen die vergelijkbaar zijn met de toelatingseisen voor de
Europese Unie, maar biedt daar tegenover geen volledige toegang tot de
interne markt en daarmee de zo belangrijke landbouwmarkt. Polen zou
bovendien geen landbouw-en structuursubsidies uit Brussel ontvangen. Het
land zou dan alleen de lasten dragen en niet de lusten genieten. Als het
referendum niet slaagt, waar ik niet vanuit ga, dan moeten Polen en de
EU samen een tussenoplossing bedenken die uiteindelijk leidt tot
volledige toetreding van Polen tot de Unie.'
terug naar de index