COLUMN
uit het kabinet

DE VRAAG opwerpen is eigenlijk gevaarlijk - mensen zouden eens op ideeën kunnen komen - maar toch: gaat het niet te snel met die uitbreiding van de Europese Unie? Mijn antwoord is: 'neen'. Sterker: we moeten oppassen dat de vaart er niet uit gaat. Ik zie de uitbreiding van de Unie als een van de belangrijkste taken die de huidige 15 leden de komende jaren hebben te volbrengen. Het is een unieke kans om de stabiliteit en welvaart in Europa vaster te verankeren. Voor dat doel bestaat nu de steun van de Europese lidstaten. En de kandidaat-lidstaten verwachten niet anders dan dat toetreding nu snel dichterbij komt. Vertraging brengt het risico met zich dat zich een kink in de kabel voordoet.

DUS VOLLE KRACHT VOORUIT. Maar: het moet wel volgens de afgesproken regels van het spel. Dat betekent niet alleen aanpassingen in de werkwijze van de huidige lidstaten (in Nice werden daar uiteindelijk afspraken over gemaakt), maar ook een goede afsluiting van de onderhandelingen over de toetreding met de kandidaat-lidstaten. De kandidaten hebben al veel gedaan, vaak onder moeilijke omstandigheden, om hun politieke, economische, juridische systemen op andere leest te schoeien. En dat proces moet goed worden afgerond. Snelheid mag hier natuurlijk niet de vijand van de kwaliteit worden.

HET LIJKT op dwingen en dringen van de kant van de huidige lidstaten, maar de toetredingscriteria zijn er vooral om te voorkomen dat de kandidaat-lidstaten na toetreding 'kopje onder' gaan in een markt en gemeenschap die uiterst competitief is. Het is in niemands belang als de economieën van nieuwe lidstaten worden weggeconcurreerd. De EU-uitbreiding zie ik niet alleen als noodzakelijk, maar als een politiek en strategisch imperatief. Het biedt de kans om de Europese zone van vrede en stabiliteit in de toekomst te waarborgen en uit te breiden. Op die manier kunnen we de stabiliteit uit de Unie exporteren in plaats van instabiliteit te importeren. Een uitgebreider en geïntegreerder Unie staat ook steviger op de wereldkaart. Met de landen uit centraal- en oost-Europa wordt Europa een nog grotere machtsfactor. Het betekent wel dat 'de 15' nu al fors moeten investeren in hun gemeenschappelijk buitenlands- en veiligheidsbeleid.

ALLEMAAL REDENEN om nu niet te versagen en het tempo in de onderhandelingen met de kandidaat-lidstaten vast te houden. Geen getalm, maar op verstandige wijze onze beloften aan de kandidaat-lidstaten waarmaken!

J.J. VAN AARTSEN
Minister van Buitenlandse Zaken

terug naar de index