|
Brinkhorst tegen verregaande renationalisatie landbouwbeleid
Minister van Landbouw Laurens-Jan Brinkhorst (D66) is kritisch over de roep om het Europese landbouw beleid te renationaliseren. Dit terwijl de Europees Commissaris voor de landbouw Franz Fischler, deze week liet weten, delen van het Europees landbouwbeleid weer door de lidstaten te willen laten uitvoeren. Brinkhorst waarschuwt dat te grote renationalisatie van de landbouw ten koste kan gaan van de duurzaamheid van de landbouw. Onder druk van de Europese uitbreiding zal het niet mogelijk zijn vast te houden aan het huidige Europese landbouwbeleid. Europees Commissaris Franz Fischler werkt nu aan hervormingsplannen, en zal die halverwege volgend jaar presenteren. Hij zal daarin pleiten voor het omvormen van de traditionele 'productsteun' aan agrarische producten naar een meer op de regio gerichte 'plattelandssteun.' Verder wil Fischler een deel van het landbouwbeleid terugbrengen van de Europese Unie naar de lidstaten. Brinkhorst is kritisch over dit idee. 'Het is onwenselijk dat het hele Europese landbouwbeleid simpelweg gerenationaliseerd wordt. Europa moet de spelregels blijven maken, zodat er op de interne Europese markt geen verschillen ontstaan. Er is een spanning tussen volledig geliberaliseerde markten en een duurzaam landbouwbeleid. Om te zorgen dat de Europese landbouw echt duurzaam wordt moeten de milieunormen in heel Europa omhoog. Dat kan alleen maar als er op centraal Europees niveau strenge regels worden gemaakt.' Niet alleen de Europese Unie zelf, maar ook de rest van de wereld dringt aan op hervormingen van het landbouwbeleid. Europa staat onder druk van de Wereld Handelsorganisatie om de externe tariefmuren waarmee zij de interne markt beschermt, af te schaffen. Brinkhorst onderkent dat het verwijderen van de tariefmuren positief zal zijn voor ontwikkelingslanden, die hun producten dan goedkoop op de Europese markt kunnen brengen, maar vindt dat Europa dergelijke maatregelen niet eenzijdig moet nemen. 'De VS dringt aan op het afbreken van de Europese landbouwsubsidies, maar ik zie in de VS zelf dat het subsidiëren van de eigen landbouw juist toe neemt. In mijn ogen geldt hier "voor niets gaat de zon op", de andere grote landbouwexporteurs zullen, als ze willen dat Europa haar landbouw niet meer subsidieert, zelf ook hun landbouwsubsidies moeten afschaffen.' Er zijn voor Brinkhorst nog meer redenen om vast te houden aan Europese steun voor de landbouw. 'Als we nu alle steun die we aan de boeren geven afbreken, zou de landbouw in Nederland onmiddellijk weggevaagd worden door landbouwexporteurs als Australië en Nieuw Zeeland. Omdat landbouw een essentieel onderdeel is van onze cultuur, is dat onwenselijk. We moeten dus methoden vinden om de boeren te belonen voor hun publieke functie.' Een goed instrument daarvoor is volgens Brinkhorst een van de andere pijlers van de plannen van Fischler, de plattelandssteun. 'Sinds het ontstaan van het gemeenschappelijk landbouwbeleid is tachtig à negentig procent van het budget productsteun die direct naar de boeren gaat. Dit moet veranderen. Maar tien à vijftien procent van het BNP op het platteland wordt geproduceerd door de boeren zelf. Het andere deel wordt geleverd door het midden- en kleinbedrijf en de recreatie en toerismesector. Daar moet, als men over het platteland spreekt, rekening mee worden gehouden. Door plattelandsteun kan het landbouwbeleid gebruikt worden als een instrument voor de ontwikkeling van het platteland als geheel.'
|